Biljart vereniging

     Dynamica D’n Brouwer

 

 

Art. 1 De biljart kampioenschappen worden georganiseerd door biljart vereniging Dynamica D’n

Brouwer.

Art. 2 Het is een open toernooi dus iedereen vanaf 16 jaar uit Zeeland en buiten Zeeland kan

hieraan deelnemen.

Art. 3.1 Elke deelnemer wordt in principe ingedeeld in de klasse, zoals hij/zij de afgelopen twee

twee toernooien heeft gespeeld. Bij een moyenne hoger dan 90% van de ondergrens van zijn klasse

mag een deelnemer zich het volgend jaar voor dezelfde klasse opgeven. Promotie naar een hogere 

moet altijd afgedwongen worden.

Art. 3.2 Elke deelnemer is verplicht zijn inschrijfformulier compleet in te vullen, als de klasse niet

is ingevuld bepaalt de wedstrijd leiding de klasse door d.m.v.  de resultaten van de afgelopen twee 

jaar.

Art. 3.3 Het is uitgesloten om in meerdere klasse deel te nemen.

Art. 3.4 Als er in klasse F minder dan vier deelnemers ingeschreven zijn dan worden deze in klasse

E ingedeeld.

Art. 4 Door elke speler worden meerdere wedstrijden gespeeld ongeacht het resultaat. De eerste

wedstrijd wordt door loting vastgesteld. Het verdere programma wordt volgens een vast schema

afgewerkt.  De lengte van de wedstrijden worden tijdig voor elke ronde bekendgemaakt.

Art. 5.1 De gemaakte caramboles in de klassen A t/m F worden bij elkaar opgeteld.

Art. 5.2 Een speler promoveert als hij/zij in de voorwedstrijden een algemeen moyenne heeft

gehaald dat hoger is dan de vastgestelde Maximum algemeen gemiddelde grens.

Art. 5.3 Een speler degradeert maximaal 1 klasse als hij/zij gedurende twee toernooien achtereen

in de voorwedstrijden een algemeen moyenne heeft gehaald dat lager is dan het vastgestelde

vastgestelde minimum gemiddelde van deze klasse.

Art. 5.4 Wanneer een of meerdere spelers met een gelijk aantal caramboles eindigen in hun klasse

dan beslist de hoogste serie respectievelijk steun serie(s). 

Art. 6 Wanneer een speler niet of niet tijdig aanwezig is om zijn of haar partij te spelen, dan wordt

wordt die wedstrijd als verloren beschouwd. waarbij de normale beurten wel worden meegeteld

voor het totale gemiddelde. Deze regel is ook van toepassing bij de finale wedstrijden. Voor de

tegenstander blijft zijn gemiddelde staan na de overige wedstrijden, alsof deze wedstrijd is gespeeld

met een gelijk gemiddelde.

Art. 7.1 Van elke klasse gaan de eerste vier door naar de finale wedstrijden. 

Art. 7.2 Aan de finale wedstrijden kunnen niet deelnemen degene die voor het eerst deelnemen en

20% of meer boven de bovengrens van de betreffende klasse is geëindigd na de drie voorwedstrijden

Als een deelnemer twee of meer jaren niet heeft deelgenomen, dan wordt deze deelnemer

beschouwd als een deelnemer die voor het eerst deelneemt.

Art. 7.3 Het wedstrijd schema voor de finale wordt na afloop van de voor ronden bekendgemaakt.

Wie als 3de wordt geklasseerd is de verliezer van de halve finale die het hoogste scoort na een

percentage berekening.

Art. 8.1 Alle wedstrijden worden door scheidsrechters geleid en door schrijvers genoteerd. Deze

personen worden door de organisatie aangezocht. De beslissing van de scheidsrechter is bindend.

Art. 8.2 Voor elke wedstrijd kan iedere speler een minuut inspelen. De scheidsrechter houdt

hiervoor de tijd bij.

Art. 8.3 Degene die als eerste vermeld staat in het wedstrijd programma start met de begin stoot

en speelt de gehele wedstrijd met de ongemerkte witte bal. Op de finale dag wordt voor elke wed-

strijd aan de hand van het zogenaamde “aftrekken” bepaald wie als eerste de wedstrijd begint.

Neemt een speler de verkeerde bal dan zal de scheidsrechter dit aangeven bij het maken van de 

“verkeerde bal” en is de beurt aan de tegenstander. De tot dan gemaakte caramboles moeten

worden genoteerd.

Art. 8.4 Bij het einde van de wedstrijd moeten voor de gelijk makende beurt de ballen door de

scheidsrechter in de begin positie worden geplaatst.

Art. 8.5 Bij de begin stoot moeten de ballen in een driehoek worden opgezet en direct van rood

worden gespeeld.

Art. 8.6 Ligt de speelbal vast aan een of beide aanspeel ballen dan heeft de speler de keuze uit: ofwel

de begin stoot of de speelbal los spelen van de vast liggende bal(len). Springt een bal uit het biljart

dan moet altijd worden vervolgd met de beginstoot. Een eventuele gemaakte carambole wordt niet

geteld en de beurt is aan de tegenstander.

Art. 8.7 Hoekbeperking: in de zogenaamde verboden zone mogen, wanneer beide aanspeelballen in

het vak liggen, twee caramboles worden gemaakt met als voorwaarde dat met de tweede

carambole een aanspeelbal uit het vak moet worden gestoten.

Art. 8.8 Bij afstoot moet minstens een voet contact hebben met de vloer.

Art. 9 Op die punten waarin het reglement niet voorziet beslist de organisatie van de

kampioenschappen.

     Reglementen